Ondernemers

Als ondernemer krijgt u onvermijdelijk een keer een controle van de Belastingdienst. Wanneer de Belastingdienst uw administratie wil controleren noemen we dit ook wel een boekenonderzoek. Tijdens een boekenonderzoek wordt gecontroleerd of uw administratie aan de eisen voldoet en of deze aansluit bij uw belastingaangiften. Het kan ook gaan om een bedrijfsbezoek of een waarneming ter plaatse. Als het onderzoek niet gericht is op u maar bijvoorbeeld op een van uw afnemers of leveranciers, noemen we dat een derdenonderzoek. Een boekenonderzoek, een bedrijfsbezoek en een derdenonderzoek worden door de Inspecteur in principe altijd vooraf aangekondigd. Alleen de waarneming ter plaatse kan in het ‘geheim’ plaatsvinden. Meestal hoort een ondernemer pas na afloop van een dergelijke controle. Met name in de horeca worden dit soort waarnemingen door de medewerkers van de Belastingdienst gehouden.

Boekenonderzoek

Een boekenonderzoek is gericht op de controle van de door u als ondernemer ingediende aangiften, en op uw administratie. Daarbij kan de Inspecteur ervoor kiezen om een controle te houden specifiek gericht op bijvoorbeeld de vennootschapsbelasting. Maar hij kan ook kiezen voor een integrale controle van de vennootschapsbelasting, de omzetbelasting en de loonheffingen. In de aankondigingsbrief moet de Inspecteur vastleggen waarop zijn controle ziet. Later, lopende de controle, kan de Inspecteur de belastingmiddelen en/of het tijdvak/jaar uitbreiden.

Bedrijfsbezoek

Een beperkter onderzoek van de Belastingdienst is het bedrijfsbezoek. In dat geval is de Inspecteur vooral geïnteresseerd in de dagelijkse gang van zaken binnen uw bedrijf. Welke activiteiten heeft uw bedrijf, wat is de omvang van uw bedrijf (qua omzet en qua personeel), etc.

Waarneming ter plaatse

Een waarneming ter plaatse (of ‘WTP’) is eigenlijk een soort stiekem bedrijfsbezoek. De controleambtenaar van de Belastingdienst wil tijdens zo’n waarneming zelf vaststellen hoe uw bedrijf is geregeld, bijvoorbeeld: wie heeft de leiding, wie doet wat, hoeveel klanten zijn er. Een waarneming ter plaatse wordt vaak in de horeca gehouden om de drukte van een restaurant/café te bepalen. Vervolgens worden tijdens het reguliere boekenonderzoek de bevindingen van de waarneming ter plaatse naast de administratieve vastleggingen gelegd. Aan de hand daarvan kan de Inspecteur controleren of bijvoorbeeld alle couverts (het aantal gasten) in de administratie van het restaurant zijn verwerkt.

Derdenonderzoek

Als bij uw onderneming een boekenonderzoek wordt gehouden, kan het voorkomen dat de Inspecteur uw administratie verifieert bij bijvoorbeeld uw leverancier of uw afnemer. Op die manier kan de Inspecteur controleren of uw administratie volledig en dus betrouwbaar is. Hetzelfde kan gebeuren als de Inspecteur bij uw leverancier of uw afnemer een boekenonderzoek houdt. In dat geval kan hij uw administratie als verificatie raadplegen. In dat geval is de controle niet op uw belastingheffing gericht maar op die van de derde (de leverancier of de afnemer).

Voorbereiding onderzoek en het bewaken van uw grenzen

Het is altijd goed om een onderzoek van de Belastingdienst niet onvoorbereid in te gaan. De uitkomsten van het onderzoek kunnen grote gevolgen hebben, zoals het vaststellen van navorderingsaanslagen of naheffingsaanslagen. Onze stelregel is dan ook: een goede voorbereiding is het halve werk. Als u weet wat uw rechten en verplichtingen tijdens de controle zijn, is het makkelijker om uw grenzen aan te geven en die ook te bewaken. Vragen staat immers vrij, ook voor de Inspecteur. Als hij u vraagt iets te doen, bijvoorbeeld uw volledige computer aan hem ter inzage te geven, en u geeft daarvoor toestemming, dan mag de Inspecteur alle informatie die hij daarin aantreft vervolgens ook gebruiken voor het onderbouwen van zijn standpunten. U heeft echter niet de verplichting om uw volledige computer zo maar aan de Inspecteur ter inzage te geven. U mag op een dergelijke vraag dus aangeven dat u daar niet mee instemt en dan moet de Inspecteur dat respecteren.

Daarnaast is het goed om van het onderzoek aantekeningen te maken. De praktijk wijst namelijk uit dat controles van de Belastingdienst zo maar een jaar tijd in beslag kunnen nemen. Tegen de tijd dat u dan het controlerapport (het verslag van het boekenonderzoek) van de Inspecteur ontvangt, is het bijna ondoenlijk om nog na te gaan welke informatie u een jaar geleden aan de Inspecteur heeft verstrekt en of dat op de juiste wijze wordt weergegeven in het rapport. Als u aantekeningen heeft gemaakt van de controle, dan kunt u die aantekeningen raadplegen en wel reageren als iets niet goed is vastgelegd.

Particulieren

Ook een particulier kan een vragenbrief krijgen van de Belastingdienst. Dat kan naar aanleiding van een ingediende aangifte, of bijvoorbeeld na een eigen vrijwillige verbetering (inkeermelding). Het kan ook zijn dat u (al jaren) bent geëmigreerd maar de Belastingdienst vermoedt dat u toch in Nederland woont. Zie over woonplaatsonderzoeken meer hieronder.

Rechten en plichten

Een belastingplichtige is als uitgangspunt verplicht om mee te werken aan een onderzoek, en desgevraagd informatie – voor zover fiscaal relevant – aan de Inspecteur (of controleambtenaar) te verstrekken. Maar er zijn grenzen. Bijvoorbeeld wanneer het onderzoek is gericht op uw verwijtbaarheid. Pure boetevragen hoeft u namelijk niet te beantwoorden. Zorg dus dat u zich goed laat informeren wat uw rechten en plichten zijn tijdens een controle.

Woon- en vestigingsplaatsonderzoek

Wanneer de Belastingdienst aanwijzingen heeft dat u in Nederland woont terwijl u aangeeft dat u in het buitenland woont, kan naar u een woonplaatsonderzoek worden gedaan. Dit zijn intensieve onderzoeken die vergaand inbreuk maken op uw privacy. De inspecteur heeft daarbij vergaande bevoegdheden, maar het mag geen ‘fishing expedition’ worden. Bij elke vraag moet dus worden beoordeeld of de inspecteur die mag stellen en op u de verplichting rust om die te beantwoorden.

Is uw onderneming in het buitenland gevestigd maar wordt dit door de Belastingdienst ter discussie gesteld? Ook dit gaat vaak gepaard met intensieve onderzoeken die het nodige van u en uw privacy vergen. Met onze ervaring op dit vlak kunnen wij u bijstaan in dergelijke procedures en helpen bepalen: tot waar en niet verder mag de Belastingdienst gaan.

Informatiebeschikking

Wanneer u in de ogen van de Belastingdienst niet heeft voldaan aan uw administratieplicht of gevraagde informatie niet verstrekt, kan een informatiebeschikking worden opgelegd. Dat kan leiden tot omkering van de bewijslast. Voor meer informatie hierover zie ons specialisme Belastingprocedures.

Btw-(carrousel)fraude

De focus van de Belastingdienst op btw-fraude neemt toe. Was de btw-fraude in het verleden met name bekend in carrousels van kleine, makkelijk te verplaatsen goederen (computerchips, telefoons) tegenwoordig komt het in bijna elke branche voor (schoenen, bloemen, auto’s). Belangrijk daarbij is dat u als een zorgvuldige marktkoopman handelt. In dit soort procedures is het belangrijk om vanaf het begin het vizier juist te richten en te zorgen dat u adequaat reageert op vragen/informatieverzoeken van de Belastingdienst.

Wanneer u ervan wordt verdacht betrokken te zijn bij btw-fraude, zie ook ons specialisme Fiscaal strafrecht.

Naheffing OB bij ‘wist of behoorde te weten’

Ook wanneer u zelf niet betrokken bent geweest bij de fraude kunt u worden geconfronteerd met een belastingclaim. In dat geval dient de Inspecteur te bewijzen dat u ‘wist of behoorde te weten’ van de fraude in uw handelsketen. Is daarvan sprake dan kan in dat geval bij u de vooraftrek van omzetbelasting worden geweigerd of bij internationale verkopen alsnog met 21% worden belast in plaats van toepassing van het nultarief. Daarvoor ontvangt u dan een naheffingsaanslag. Bent u het daar niet mee eens, dan kunt u tegen die aanslag in bezwaar en beroep.

Controle balanspost OB: suppletie gedaan?

Een van de zaken waar de Belastingdienst op let is de balanspost omzetbelasting. Als daar nog een te betalen bedrag staat vermeld, is dat een belangrijke indicatie dat u een suppletieaangifte had moeten indienen. Dit is sinds 2011 verplicht en voor het niet-doen van die suppletie kunt u een forse (100%) boete krijgen. Tegen die boete kunt u in bezwaar en beroep.

Belastingaanslag aanvechten

Wanneer naar aanleiding van een controle een correctie op de ingediende aangifte wordt aangebracht of een naheffingsaanslag of navorderingsaanslag wordt vastgesteld, met of zonder boete, dan kunt u hiertegen in bezwaar en beroep. Zie daarover meer ons specialisme Belastingprocedures.

Correcties en verwijtbaarheid voor de boete

Tijdens een controle wordt gekeken naar eventuele correcties op diverse belastingmiddelen, zoals vennootschapsbelasting (Vpb) of inkomstenbelasting (IB), omzetbelasting (OB of btw) en loonbelasting (LB of LH). Een controle is gericht op de vraag of er aanvullend belasting moet worden geheven, maar ook op de vraag of de ondernemer een verwijt kan worden gemaakt dat hij onjuiste belastingaangifte heeft gedaan. Met andere woorden: of aan u een boete kan worden opgelegd op grond van ‘opzet’ of ‘grove schuld’.

Trefwoorden

  • Balanspost omzetbelasting
  • Boekencontrole
  • Boekenonderzoek
  • Boetevragen
  • Civiel (kort geding) procedure
  • Controle
  • Controleambtenaar
  • Derdenonderzoek
  • Informatiebeschikking
  • Informatieverplichting
  • Informatieverzoeken
  • Suppletieaangifte
  • Verwijtbaarheidsonderzoek
  • Woonplaatsonderzoek
  • Vestigingsplaatsonderzoek