Terug naar Blogs 9 juni 2021

Strategie in een fiscale procedure

Geschreven door: Marloes Lammers

Een fiscale controle kan leiden tot fiscale correcties waar u het niet mee eens bent. Als u in een fiscale discussie met de Belastingdienst terecht komt, is het verstandig om een plan de campagne te maken. Van belang is dat u focus heeft op het einddoel: in elke fase moet u namelijk strategische beslissingen maken. Heeft u geen einddoel voor ogen, dan kan het zijn dat u niet de best mogelijke einduitkomst behaalt. Welke strategie u neemt, is niet alleen afhankelijk van u als persoon, maar ook van de zaak. In dit blog neem ik u mee door de verschillende stadia en welke beslissingen u daarbij kunt c.q. zou moeten nemen.

Boekenonderzoek en vervolgprocedure

Elke ondernemer in Nederland krijgt minstens één keer in zijn loopbaan te maken met een controle van de Belastingdienst. Als uit die controle correcties voortvloeien, dan worden die vastgelegd in een (navorderings)aanslag of in een naheffingsaanslag (of meerdere). Daartegen kunt u in bezwaar komen. Wijst de inspecteur uw bezwaar af dan kunt u achtereenvolgens naar de rechtbank (beroep), het gerechtshof (hoger beroep) en naar de Hoge Raad (cassatie). Bij elke stap dient u een schriftelijk stuk (bezwaarschrift, beroepschrift, etc.) in te dienen. Bij het opstellen van dat stuk moet u iedere keer een strategische beslissing maken. Ga ik op punt 1 nu wel dit en dit al melden of houd ik dat nog even achter de hand? Leg ik alle kaarten alvast op tafel of houd ik er nog een paar tegen de borst? Welke strategie u neemt, is niet alleen afhankelijk van u als persoon, maar ook van de zaak. In dit blog neem ik u mee door de verschillende stadia en welke beslissingen u daarbij kunt c.q. zou moeten nemen.

Strategie

Als ondernemer is het niet uw ‘core business’ om een boekenonderzoek van de Belastingdienst te begeleiden of te procederen tegen de Belastingdienst (of u moet toevallig belastingadviseur of fiscaal advocaat zijn). Dat zorgt ervoor dat u zich wellicht onwennig voelt en niet goed weet waar te moeten beginnen. In feite staat u aan de start met een leeg vel en bent u aan zet om dat papier te gaan vullen. Het is daarbij belangrijk dat u bepaalt welk doel u wil bereiken zodat de weg die u gaat bewandelen ook richting dat einddoel gaat en niet eraan voorbij of teveel naar links of rechts afwijkt. Zonder einddoel bent u in feite blind op pad en dat levert niet de beste resultaten op. Een goede voorbereiding is dan ook het halve werk!

Spreken of zwijg(recht)?

Cruciaal bij het bepalen van de strategie is in hoeverre u openheid van zaken kunt en wilt geven. Ik spreek bewust over ‘kunt’ want soms heeft u als belastingplichtige (ondernemer of particulier) niet zo heel veel keuze dan de lippen nog stijf op elkaar te houden. Zo’n situatie doet zich bijvoorbeeld voor als gelijktijdig met de fiscale procedure ook een strafrechtelijk onderzoek loopt. In het laatste onderzoek (strafrechtelijk dus) heeft u een zwijgrecht en hoeft u niet mee te werken aan uw eigen veroordeling. Als u in de fiscale procedure (tijdens het boekenonderzoek of in de bezwaar-/beroepsfase) vervolgens die informatie wel gaat geven, kan die informatie worden gebruikt in de strafzaak en werkt u impliciet dus mee aan uw eigen veroordeling.

Openheid van zaken

Is geen sprake van (dreigende) strafrechtelijke vervolging en zijn er ook geen andere indicaties waarom u geen openheid van zaken kunt geven, dan is het in veel gevallen het best om alle kaarten open neer te leggen. Op die manier informeert u niet alleen de inspecteur, maar ook de belastingrechter in de beroepsfase over uw standpunten met betrekking tot de feiten, de gang van zaken, etc.

‘Anchoring bias’

Dat is belangrijk omdat ons brein namelijk zo werkt dat als we informatie hebben gelezen en we krijgen vervolgens nieuwe informatie over hetzelfde onderwerp, we gaan toetsen of die nieuwe informatie aansluit bij hetgeen we eerder hebben gelezen. Dat heet ook wel ‘ankeren’ of een ‘anchoring bias’. Als dat het geval is, dan bevestigt dat de informatie in ons hoofd en gaan we ervan uit dat we daarmee een betrouwbaarder beeld hebben gevormd. Bevestigt de informatie niet het beeld in ons hoofd, dan leggen we deze nieuwe informatie meestal opzij en blijven we uitgaan van de eerste informatie en herinneren we ons dat.

Uitgangspositie bepalen

Als een inspecteur van een belastingplichtige slechts een summier bezwaarschrift ontvangt en in het dossier een uitgebreid controlerapport zit of de belastingrechter ontvangt van de belastingplichtige een summier beroepschrift en van de inspecteur een uitgebreid verweerschrift, dan zal in beide situaties het uitgebreide stuk (controlerapport/verweerschrift) zich ankeren of ‘nestelen’ in het hoofd van de inspecteur/rechter en zal hij alle informatie die hij daarna ontvangt aan deze informatie toetsen. Als belastingplichtige wil je natuurlijk dat de inspecteur/belastingrechter jouw stuk als uitgangspunt neemt en daaraan de nieuwe informatie toetst.

Onnodige vertraging voorkomen  

Een ander nadeel van een summier gemotiveerd processtuk (bezwaar-/beroepschrift) is dat het de duur van een procedure en daarmee de periode van onzekerheid aanzienlijk kan verlengen. De inspecteur en/of belastingrechter weten dan in eerste instantie namelijk niet wat de standpunten/verweren van de belastingplichtige zijn. Er zijn dan meerdere rondes (bijvoorbeeld een aanvullende motivering van het bezwaarschrift en/of beroepschrift, of een conclusie van repliek of een nader stuk (in de beroepsfase) nodig om de standpunten van de belastingplichtige boven tafel te krijgen. Als een inspecteur al in een vroeg stadium weet wat de tegenpartij (de belastingplichtige) ervan vindt, kan hij door die mening ook worden overtuigd en kan de zaak mogelijk snel worden afgedaan.

Mediation

De praktijk wijst ook uit dat lang niet in alle procedures de belastingaanslag het echte onderliggende probleem is. Veel vaker is het probleem gelegen in het feit dat de belastingplichtige zich niet gehoord of gezien voelt. In een mediationtraject komt de werkelijke oorzaak van het probleem naar voren en gaan partijen op zoek naar een oplossing voor dat probleem. Die oplossing komt vanuit de partijen (en niet van bovenaf) en moet ook voor alle partijen aanvaardbaar zijn. Veel partijen vinden dit een ‘win-win’ situatie omdat op deze manier én het probleem wordt opgelost én partijen worden behoed voor een langdurige procedure.

Mocht u geen zin hebben in een voor uw gevoel eindeloze discussie met de Belastingdienst, maar op zoek zijn naar een snelle, adequate en efficiënte oplossing dan kan een mediation daarbij dus uitkomst bieden.

Conclusie

Als u in een fiscale discussie met de Belastingdienst terecht komt, is het verstandig om een plan de campagne te maken. Het is niet makkelijk om hier een ‘to do-lijstje’ van te maken, aangezien elke zaak, elke belastingplichtige en elke kwestie op zichzelf staat. In zijn algemeenheid kan worden gezegd dat het belangrijk is om de focus te hebben op het einddoel. Heeft u geen einddoel dan dwaalt u in feite maar wat rond en belandt u ‘per ongeluk’ bij een einduitkomst. Het is dan maar de vraag of die einduitkomst het beste is voor u. Heeft u wel een einddoel vastgesteld, dan kunt u ook veel makkelijker, efficiënter en adequater de weg naar dat einddoel bepalen en plaveien voor de inspecteur en/of de belastingrechter. Ga dus goed voorbereid aan de slag zodat u invloed kunt uitoefenen op de einduitkomst!